Basiskamp naar tussenliggend kamp
- Hoogteverschil 600 m1,969 ft: BK 5200 m17,060 ft → Yakkamp 5500 m18,045 ft → TK 5800 m19,029 ft
- Tijd (omhoog) eerste keer 5–7 uur, daarna 4–5 uur
- Tijd (omlaag) eerste keer 4–5 uur, daarna 3–4 uur
- Samenvatting een rechttoe-rechtaan, niet-technische tocht, maar door meerdere stijgingen en dalingen wordt het laatste gedeelte vermoeiend
De tocht van BK naar HBK is erg lang en wordt in het begin doorgaans over twee dagen verdeeld met een stop in het Tusssenkamp (TK). Eenmaal volledig geacclimatiseerd, zou je rechtstreeks van BK naar HBK moeten kunnen gaan (of op zijn minst van HBK naar BK af kunnen dalen). Grotere teams houden het hele seizoen een TK aan voor noodgevallen en extra service.
De routes variëren nogal, van jaar tot jaar en zelfs gedurende het seizoen, naarmate gletsjers bewegen en smelten en zo nieuwe gevaren en mogelijkheden creëren. De algehele richting is echter duidelijk, en de paden zijn sterker uitgelopen (lichter van kleur) dan het omliggende gesteente. Zoek bij twijfel gewoon naar de meest voor de hand liggende wegwijzer op de valleivloer: yakuitwerpselen. Als er sneeuw ligt en er geen verse yakspooren zijn, let dan op met stenen bedekte gebedsvlaggen of 'steenmannetjes', kleine, door mensen gemaakte steenhopen.
Afhankelijk van de locatie van je BK moet je eerst het brede plateau oversteken of de gletsjer naar het oosten omzeilen. Let bij het komen van de kant van de LO op bij het oversteken van de kleine rivier: het is makkelijk om natte voeten te krijgen, wat later tot blaren of zelfs bevriezing kan leiden.
Koers af op de linker (oostelijke) kant van de gletsjer en je vindt de zandpaden. Af en toe splitst het pad zich, meestal vanwege de yakkaravanen, maar ze komen al snel weer samen. Over het algemeen wisselt het pad af tussen de rand van de gletsjer en de bodem van de morene.
De eerste 3 km is over het geheel genomen vrij vlak, en je wint slechts ongeveer 100 m328 ft hoogte, bijna in een rechte lijn naar het zuid-zuidoosten. De eerste keer lijkt dit gedeelte eindeloos, maar later kun je het op volle snelheid lopen en je tijd halveren van ongeveer 1½ uur naar de helft daarvan.
Wanneer je het duidelijke punt bereikt waar de Oost-Rongbukgletsjer samenvloeit met de hoofdstroom, gaat het pad steil omhoog naar links. Neem het hier rustig aan en loop langzaam maar gestaag. Let op naderende yaks en ga tijdig opzij om ze door te laten. Sommige gedeelten zijn blootgesteld en smal, en kunnen glad zijn door sneeuwvlekken. Nadat je de scherpe bocht hebt gemaakt, loop je naar het oosten. De Everest is nu verborgen achter het Changtse-massief en het pad vlakt opnieuw af op ongeveer 5500 m18,045 ft (18.050 ft).
Dit open gebied wordt vaak aangeduid als 'Yakkamp'. De yakherders nemen hier meestal een pauze en sommige teams kamperen op een van de vlakke plekken. Helaas gebruiken de yaks de omheinde ruimtes ook om hun uitwerpselen te deponeren, dus het is er rommelig, maar het is nog steeds een goede plek om te lunchen. De eerste keer omhoog wil je misschien hier omkeren en naar BK afdalen.
Na een kort stijgend gedeelte vlakt het pad opnieuw af. Wanneer de rivier aan je rechterhand op jouw niveau komt, loop je er een tijdje naast. Afhankelijk van de omstandigheden kunnen de rivier en kleine meertjes nog bevroren en met sneeuw bedekt zijn, in welk geval het pad er in een rechte lijn overheen kan gaan. Later in het seizoen loop je om de kleine meertjes heen, maar de route kan opnieuw zijn veranderd voordat je teruggaat naar BK.
In de herfst en het late seizoen smelten de meertjes veel meer. Indien nodig is er een alternatieve route: steek de rivier over waar mogelijk (vaak stroomt die onder een deel van de gletsjer door) en ga naar het zuiden, over enkele moreneheuvels naar de andere kant van de gletsjer. Daar ligt nog een pad dat verderop aansluit op het valleipad.
Na een lang vlak gedeelte, dat op sommige plekken bijna lijkt op een strand met fijn zand, klim je opnieuw omhoog, nadat je diagonaal naar de zuidkant van de gletsjer bent overgestoken. In de verte zijn al de grote witte ijzige driehoeken, de 'ijshaaien', zichtbaar die het TK markeren. Hoewel je dicht bij het kamp bent, is dit laatste deel zwaar en kost het minstens een uur: er moeten veel kleine heuvels worden overgestoken, wat veel energie kost.
Het TK is vrij verspreid en de meeste kampen zijn pas zichtbaar als je er heel dicht bij bent. Als je zonder gids reist, zorg er dan voor dat je weet aan welke kant van de centrale morene je kamp zich bevindt: sommige klimmers zijn hun kamp voorbijgelopen, omdat alle plekken van het hoofdpad af liggen.
De belangrijkste commerciële kampen bevinden zich net aan de andere kant van de centrale morene, dicht bij de ijshaaien. Dit betekent een zeer zware, laatste klim omhoog over de ijzige morene en aan de andere kant weer naar beneden. Sommige andere kampen gebruiken het gedeelte ten zuidwesten van de morene: voor die kampen moet je de morene niet oversteken, maar rechtdoor gaan en verder omhooggaan over de kleine heuvels aan de Changtse-kant van de vallei.
Het pad omhoog over de morene is doorgaans erg glad, omdat de dunne laag stenen die het harde blauwe gletsjersijs bedekt snel erodeert naarmate het seizoen vordert. Wees voorzichtig en gebruik stokken. De rivier aan de voet van deze helling zal smelten en aanzwellen, wat enige vaardigheid bij het oversteken van rivieren en gevorderd rotsspringen vereist, steek vroeg op de dag over, terwijl het waterpeil nog laag is.

